Stemmingsstoornissen

Geschreven door
Categorie: Kennisbank
Gepubliceerd: 16 juni 2014
Hits: 27348

Iedereen heeft wel eens een baaldag. Je haar zit stom, het alarm van je telefoon gaat maar je hebt écht geen zin om op te staan… Daar is niets vreemds aan. Maar als je twee weken achter elkaar nergens zin in hebt, je de hele tijd somber bent, er steeds een knoop in je maag zit en je je overal aan ergert? Dan heb je mogelijk een depressie, een zogenaamde stemmingsstoornis.

Je ziet zoiets vaak niet aan de buitenkant en dit soort gevoelens zijn makkelijk te verbergen. Jij vindt het misschien ook helemaal niet cool om te laten merken hoe rot je je voelt. Meisjes trekken zich vaak in zich zelf terug. Zij worden stil, somber of bang. Jongens overschreeuwen hun somberheid juist vaak. Zij zoeken vaak afleiding in feesten, drank en drugs, onveilige seks en worden soms zelf crimineel.

Er zijn nog twee stemmingsstoornissen, namelijk de dysthyme stoornis en de bipolaire stoornis. Bij de dysthyme stoornis zijn de klachten dezelfde als bij een depressie, alleen zijn de klachten minder heftig dan bij een depressie. Ze duren wel langer. Bij een bipolaire stoornis wisselen heel vrolijke en heel sombere stemmingen elkaar de hele tijd af. Als je een stemmingsstoornis hebt, lijdt je dagelijkse leven daar vaak onder. Het kan minder goed gaan op school doordat je steeds moe bent. En als je steeds somber bent, hebben anderen misschien minder zin om met je om te gaan

Welke soorten zijn er?

Depressie
Elke depressie is anders, maar vaak voel je je rot, verdrietig, neerslachtig en lusteloos. Niets gaat lekker. Op school niet, thuis niet en met je vrienden niet. Pieker je veel? Heb je faalangst en kan je niets beslissen? Denk je negatief over jezelf? Voel je je mislukt of minder waard dan je leeftijdsgenoten? Heb je last van schuldgevoelens of heb je het idee dat je het niet goed doet? Voel je je buitengesloten of zonder je jezelf juist af? Ga je blowen of juist drinken om maar niet te voelen wat je voelt?

Een depressie gaat vaak samen met lichamelijke klachten, zoals vermoeidheid, gebrek aan energie, hoofdpijn en vage buikklachten. De één heeft geen zin om te eten, de andere eet juist extreem veel. Anderen gaan veel meer slapen dan normaal en zijn toch de hele dag moe. De volgende slaapt juist erg weinig. Het is niet zo gek dat een depressie je dagelijks leven negatief beïnvloedt. Doordat je zo moe bent, kan je je bijvoorbeeld op school minder concentreren. En als je steeds somber bent, gaan anderen je misschien uit de weg.

Dysthyme stoornis
Als je een dysthyme stoornis hebt, dan heb je dezelfde klachten als iemand met een depressie. Alleen zijn de sombere gevoelens of ergernissen minder heftig. Deze klachten duren alleen wel langer, soms wel langer dan een jaar. Jongeren met een dysthyme stoornis kunnen ook heel prikkelbaar zijn (volwassenen met deze stoornis zijn dat niet). De omgeving vindt ze vaak somber, zuur of humorloos. Dat kan leiden tot sociale en emotionele problemen. Want wie vindt het nou leuk om vrienden te zijn met iemand die de hele tijd somber is of nergens de humor van inziet? Zo kan je in een sociaal isolement terechtkomen en eenzaam worden. Op school merk je misschien dat je minder kan concentreren en je stopt misschien wel met sporten omdat je de lol er niet meer van inziet.

Bipolaire stoornis
Iemand met een depressie ziet alles zwart. Iemand die bipolair is, ziet alles afwisselend zwart en wit. Het woord zegt het al: bi betekent allebei. En polair betekent tegenovergesteld. In de zwarte periodes wil en kan je niets, in de witte periodes kan en wil je juist álles. Deze stoornis werd vroeger ook wel manisch-depressief genoemd. Manisch zijn de witte periodes. Lastig aan bipolair zijn, is dat je stemmingen heel heftig schommelen. Je schiet van het ene uiterste naar het andere en je kunt nooit voorspellen hoe je je de volgende week zult voelen. De depressieve periodes hebben dezelfde kenmerken als die bij depressieve mensen. Als je manisch bent, dan ben je alles ‘te’. Niet voor jouzelf misschien maar wel in de ogen van je omgeving. Je bent te druk, te opgewekt, te ongeremd, te impulsief. Je denkt dat je alles aan kunt, doet soms onverantwoordelijke dingen, je raakt de werkelijkheid een beetje uit het oog. Je gaat bijvoorbeeld ineens heel veel spullen kopen die je niet kan betalen en niet nodig hebt, je zegt ineens je baan op, stopt met school, zegt je kamer op, maakt je verkering uit terwijl je vorige week nog zo gek op hem of haar was. Allemaal acties waar je later zeer waarschijnlijk spijt van hebt.


Waar komt het door?
De meeste psychische stoornissen zijn er al vanaf je geboorte. Ze zitten in je genen. Ze zijn in aanleg aanwezig. Je kunt het zien als een tv die op stand by staat. Pas als het knopje ‘aan’ wordt ingedrukt, gebeurt er iets. In dit geval in je lijf en in je hoofd. Dat knopje kan op verschillende momenten en op de meest uiteenlopende manieren worden ingedrukt. Als je wordt geboren met autisme of ADHD, dan zijn de symptomen vaak al in de kindertijd zichtbaar. Andere stoornissen, zoals schizofrenie of borderline, gaan ‘aan’ als je wat ouder bent. Maar dat hoeft niet altijd. Bij sommigen blijft de stoornis hun hele leven op stand by staan. Als jij bijvoorbeeld een geweldige jeugd hebt, met superouders en andere mensen die je vertrouwt en bij wie je je veilig voelt, het gaat goed op school en er zijn genoeg leuke dingen die je doet, dan krijg je misschien geen last van die stoornis. Maar als je bijvoorbeeld veel nare dingen meemaakt in je jeugd óf je hebt een wat somberder karakter, dan kan het knopje worden ingedrukt.

Maar dit is niet voor twee mensen hetzelfde. Ook al word je met aanleg voor dezelfde stoornis geboren, heb je precies dezelfde jeugd en hetzelfde karakter, dan nog kan het zijn dat die ander last van de stoornis krijgt en jij niet. Niemand weet precies hoe die stoornissen ontstaan. Daarom wordt er veel onderzoek naar gedaan. Het enige wat wel zeker is, is dat het gaat om een samenspel van biologische, sociale en psychologische factoren. Misschien is er in je familie wel iemand die hetzelfde heeft (biologische factor). Het kan ook komen doordat je opgroeit in een omgeving met omstandigheden die kunnen bijdragen aan het ontwikkelen van een stemmingsstoornis (sociale factor), je ouders scheiden of er overlijdt iemand waar je veel van houdt. En dan is er nog het deel dat zich in je eigen persoonlijkheid of karakter afspeelt (psychologische factor). Er zijn ook factoren die ervoor kunnen zorgen dat het knopje niet aan gaat. Bijvoorbeeld dat je mensen in je buurt hebt waar je terecht kan en bij wie je je veilig voelt.


Hoe vaak komt het voor?
Volgens onderzoeken heeft 3 tot 8 procent van de jongeren tussen 12 en 18 jaar een depressie. Dit zijn 30.000 tot 80.000 jongeren. Nog veel meer jongeren hebben mildere depressieve klachten. Het lijkt erop dat depressieve stoornissen vaker voorkomen bij meisjes dan bij jongens. Een verklaring hiervoor kan zijn dat de klachten bij meisjes beter te herkennen zijn. Zij laten eerder merken dat ze somber zijn en trekken zich vaak terug. Meisjes zoeken ook eerder hulp. Jongens verbergen eerder hun sombere gevoelens door afleiding te gaan zoeken in feesten, drank en drugs, onveilige seks en worden soms zelf crimineel. Als dit uit de hand loopt, kunnen zij ook bij de hulpverlening belanden. De belangrijkste oorzaak is dan de depressie. Maar die wordt pas later of soms helemaal niet ontdekt.

Iemand met een depressie kan zo somber worden dat hij of zij een zelfdodingspoging doet. Van alle 12- tot 18-jarigen heeft bijna 1 op de 20 geprobeerd een einde aan z’n leven te maken.

Ongeveer drie tot vijf procent van de bevolking lijdt aan een dysthyme stoornis. Deze stoornis openbaart zich meestal voor het 25e levensjaar. De bipolaire stoornis komt voor bij 1 tot 2 % van de mensen ouder dan 16 jaar. Deze stoornis kan op elke leeftijd beginnen maar de piek ligt tussen de 15 en 19 jaar.


Wat is je diagnose?
Om er precies achter te komen waar je gedrag en gevoelens mee te maken hebben, moet je onderzocht worden. Als je een bot breekt, is dat simpel: er wordt een röntgenfoto gemaakt, het bot wordt weer aan elkaar gezet, je krijgt er gips omheen en na een aantal weken is het genezen. Met psychische stoornissen is het vaak een stuk moeilijker om erachter te komen wat je precies hebt. Daarom kan de huisarts dat niet doen. Die moet je doorverwijzen naar een psychiater of psycholoog. Als je onder de zestien bent, moet je altijd samen met je ouders of iemand die officieel het gezag over je heeft (bijvoorbeeld een voogd). Zo staat het in de wet. Boven de zestientien hoeft dat niet.

Wel is het goed te weten dat alle medici, en dus ook psychologen en psychiaters, een geheimhoudingsplicht hebben. Dit betekent dat ze alleen informatie over jou mogen geven aan de mensen die je behandelen. Alleen met jouw toestemming en als je onder de zestien bent met de goedkeuring van je ouders, mogen ze het aan anderen (bijvoorbeeld je docent of sportleraar) vertellen.

Alleen een psychiater of een psycholoog mag een diagnose stellen over een psychiatrische stoornis. Die psychiater of psycholoog voert een aantal gesprekken met jou en vaak ook met belangrijke personen uit je omgeving zoals je ouders of leerkracht. Hij vraagt natuurlijk naar je klachten, maar wil ook weten hoe het op school en thuis gaat. Ook wil hij erachter komen hoe je omgaat met gebeurtenissen en of er iets is gebeurd waardoor je klachten zouden kunnen zijn ontstaan. Hij zal proberen te begrijpen op wat voor manier jij naar de wereld, de mensen om je heen en situaties kijkt en wat je sterke en zwakkere kanten zijn. Soms moet je ook een vragenlijst invullen. Die kan gaan over hoe je je voelt of wat je denkt, maar bijvoorbeeld ook over je eetgewoonten of waar je bang voor bent.

Daarnaast kan er ook iemand bij je op school of thuis komen kijken hoe het daar met je gaat en hoe je je gedraagt. En soms ga je ook praten met een fysiotherapeut, logopedist of dramatherapeut. Dit hangt allemaal af van waar je last van hebt of tegenaan loopt en welke vragen de psychiater of psycholoog nog heeft.

Alle informatie bij elkaar wordt gebruikt om te bepalen óf en welke stoornis je eventueel hebt. Daarvoor gebruiken psychiaters en psychologen een boek waarin per stoornis staat aan welke symptomen je moet voldoen om te kunnen zeggen dat je die stoornis hebt. Een symptoom is een klacht. Pas als je een bepaald aantal symptomen hebt, is er sprake van een stoornis. Dan kan je daarvoor behandeld worden.


Hoe is het te behandelen?
Als de psychiater of psycholoog vaststelt dat je een stemmingsstoornis hebt, kijkt hij samen met jou welke behandeling het beste bij je past en waar je het meest aan zult hebben. Soms is het ’t beste dat je één keer per week een uurtje met je behandelaar praat. Soms is het beter om meerdere keren te komen bij dezelfde of juist bij verschillende behandelaren. En soms kan je een tijdje opgenomen worden. Dit gebeurt alleen als je een gevaar voor jezelf of je omgeving bent, bijvoorbeeld als je jezelf hebt uitgehongerd, verwond of dat je zó agressief bent dat je iemand zou kunnen verwonden. Alleen in dit soort situaties mag er zonder jouw toestemming en/of de toestemming van je ouders of verzorgers met een behandeling worden begonnen. Verder mag jij altijd een behandeling weigeren of stoppen. Wel is het zo dat de hulpverleners kunnen beslissen je niet meer te behandelen als je overal nee op zegt.

Als je toestemming hebt gegeven voor een behandeling, dan maken jullie afspraken die worden vastgelegd in een behandelcontract. Daarin staat precies geschreven wat jullie gaan doen, welke doelen je wilt gaan halen. Ook staat er wanneer jullie gaan kijken hoe het gaat met de behandeling en wat er eventueel anders moet.

Er zijn veel verschillende behandelvormen, vaak werkt een combinatie het beste. Je kunt individuele gesprekken hebben of in een groep met andere jongeren. Er is ook dramatherapie, dan ga je bijvoorbeeld via rollenspelen en gedichten schrijven proberen je angsten of sombere gevoelens te overwinnen of je impulsieve gedrag onder controle te krijgen. Bij een sociale vaardigheidstraining leer je hoe je zonder problemen of spanningen om kan gaan met andere mensen. Er zit vast iets tussen wat jou wat lijkt en bij jou en je problemen past!

Het belangrijkste doel van de behandeling is natuurlijk dat je klachten minder worden. Daarnaast ga je allerlei vaardigheden oefenen die belangrijk zijn voor je ontwikkeling en geestelijke gezondheid. Tijdens de therapie leer je begrijpen hoe sombere en negatieve gedachten ook een sombere stemming oproepen. Je wordt gestimuleerd om leuke activiteiten te gaan doen waardoor je positieve ervaringen opdoet en je je beter gaat voelen. Daarnaast krijg je allerlei vaardigheden aangeleerd hoe je vervelende situaties of conflicten om kan gaan. Je leert problemen op te lossen.
Als je behalve van depressieve buien ook last hebt van manische periodes kijk je samen met de hulpverlener en belangrijke andere mensen in je omgeving zoals je ouders en school wie wat kan doen als jij in een manische periode zit. In deze periodes doe je soms dingen waar je achteraf spijt van hebt. Spreek met je ouders of een ander vertrouwd iemand af wat je wilt dat zij doen als jij in zo’n periode terecht komt. Mogen zij bijvoorbeeld je bankpas tijdelijk beheren? Mogen ze op school of je werk gaan uitleggen wat er met je aan de hand is? Zo voorkom je dat je in zo’n manische periode dingen doet die later misschien niet meer zijn terug te draaien.

Als jouw stoornis iets is waar je de rest van je leven mee te maken zult hebben, dan leer je hoe je hier het beste mee om kunt gaan in je dagelijks leven, op school, thuis en met je vrienden. Je krijgt tips en tricks om toch op een zo plezierig mogelijke manier je dingen te blijven doen.

Ook je ouders en/of school kunnen hulp aangeboden krijgen. Zij krijgen bijvoorbeeld uitleg over jouw stoornis waardoor ze je beter zullen begrijpen. Ook krijgen ze tips hoe zij jou kunnen helpen je weer prettiger in je vel te laten voelen. En ze worden zelf ook niet vergeten. De meeste ouders hebben veel voor hun kinderen over en willen ze graag helpen. Maar zorgen voor iemand met een stoornis kan erg ingewikkeld zijn en veel van ouders vragen. En het is natuurlijk niet de bedoeling dat je ouders hierdoor instorten. Dit kan voorkomen worden als ze meer van jouw problemen begrijpen. Als ouders het gevoel hebben dat zij weten hoe zij hun kind kunnen begeleiden voelen zij zich sterker. Daarnaast leren zij hoe zij ook voor zich zelf en je eventuele broers en zussen kunnen blijven zorgen.


Zijn er medicijnen voor?
Medicijnen worden voorgeschreven als er sprake is van een zeer ernstige vorm van stemmingsstoornissen en therapie alleen niet helpt. De meest gebruikte medicijnen zijn antidepressiva. Het effect van deze medicijnen merk je vier tot zes weken na het eerste gebruik. Soms krijg je ook kalmering- of slaapmiddelen voorgeschreven om een aantal verschijnselen direct te verminderen. Als je weer beter gaat slapen bijvoorbeeld is het makkelijker om te leren en zal je alleen om die reden al prettiger voelen. Het is heel belangrijk dat je samen met je behandelende psychiater kijkt welke medicijnen je gaat krijgen en wat de effecten zijn.


Heb je zelf deze stoornis?

  • Doe iets om je somberheid te overwinnen. Of om er in elk geval voor te zorgen dat het niet erger wordt.
  • Ga sporten. Door te bewegen maken je hersenen een ‘geluksstofje’ aan. Wel rustig beginnen en het langzaam opbouwen.
  • Krop je gevoelens niet op. Praten lucht op en denk niet dat je zeurt!
  • Kies voor regelmaat in je leven. Ga op tijd naar bed, slaap genoeg, ontspan genoeg en op vaste momenten, eet op hetzelfde tijdstip, sta elke dag op een vaste tijd.
  • Maak bewuste keuzes. Daardoor voel je dat jij de touwtjes in handen hebt.
  • Probeer niet steeds alles perfect te doen. Neem jezelf zoals je bent, dat is goed genoeg.
  • Blijf contact houden met andere mensen. Zorg ervoor dat je je niet overal uit terugtrekt. Je hoeft je niet te schamen voor je somberheid, ook al denk je dat misschien.
  • Doe ontspanningsoefeningen. Denk aan yoga of vraag je behandelaar welke ontspanningsoefeningen je kan doen. Door te ontspannen kun je beter stilstaan bij jezelf. Je kunt leren om je spieren te ontspannen en om rustiger te ademen en te denken.
  • Doe leuke, ontspannende dingen. Je somberheid verdwijnt niet als je in bed blijft liggen of thuis op de bank hangt. Het maken van plannen voor leuke dingen kan helpen om het ook echt te gaan doen. Doe af en toe iets nieuws of ongewoons. Nieuwe ervaringen kunnen energie geven!
  • Denk aan de dingen die goed gaan. Schrijf er elke dag drie voor jezelf op.
  • Als je een bipolaire stoornis hebt, komen de periodes waarin je denkt de hele wereld aan te kunnen regelmatig terug. In deze periodes doe je soms dingen waar je achteraf spijt van hebt. Spreek met je ouders of een vertrouwd iemand af wat je wilt dat zij doen als jij in zo’n periode terecht komt. Mogen zij bijvoorbeeld je bankpas tijdelijk beheren? Mogen ze op school of je werk gaan uitleggen wat er met je aan de hand is? Zo voorkom je dat je dingen doet die later misschien niet meer zijn terug te draaien.
  • Neem je eigen gevoelens en klachten serieus. Praat er met iemand over. Dit kan iemand zijn uit je directe omgeving zoals je ouders, broer of zus of een goede vriendin. En ook bijvoorbeeld je mentor of vertrouwenspersoon op school of van je werk.
  • Mocht je kenmerken van een stemmingsstoornis bij jezelf herkennen dan raden wij je dringend aan om hier over te praten met je huisarts. De huisarts kan samen met jou kijken of je zorgen terecht zijn.
  • Wacht niet met hulp zoeken! Of het nu is bij een vertrouwd iemand uit je eigen omgeving of bij professionele hulp. Schaam je niet om professionele hulp te zoeken, het is juist een kracht!

Ken je iemand met deze stoornis?

  • Probeer niet boos op moeilijk gedrag te reageren, maar ga op zoek naar de oorzaken.
  • Beloon positief gedrag.
  • Help diegene structuur in de dag te brengen.
  • Stimuleer de persoon dingen te doen die een positief en actief gevoel geven. Of dat nu bestaat uit je eigen kamer opruimen of gaan skaten.
  • Ga samen iets doen wat hij of zij graag doet, zoals winkelen of voetballen.
  • Stimuleer diegene in beweging te blijven, bijvoorbeeld door te sporten.
  • Help hulp zoeken als de klachten niet overgaan.
  • Spreek af wat je mag doen als de persoon in een stemming komt waarin jij denkt de hele wereld aan te kunnen. Spreek bijvoorbeeld af dat je zijn bankpas in mag nemen om te voorkomen dat hij ineens heel veel geld uitgeeft, of dat je op school uitleg mag geven waar dit gedrag vandaan komt. Zo kan worden voorkomen dat de jongeren dingen doet waar hij later spijt van heeft.

Meer informatie en hulp

Organisaties (bv. belangenbehartigers)

  • Depressie Centrum van het fonds Psychische Gezondheid. Tel. 0900-903 903 9 (Informatie- & Advieslijn, € 0,20 p/min.) of www.depressiecentrum.nl.
  • Pandora Lotgenotenlijn Depressie. Tel. 0900-612 09 09 (€ 0,10 p/min.) of www.stichtingpandora.nl.

 

Websites

www.113.nl als je denkt aan zelfmoord

 


ZIT JIJ NU MET VRAGEN OF EEN PROBLEEM?
TIP 1 : Check jezelf met de anonieme Zelftest op Mindmasters.nl
TIP 2 : Kijk op onze contact pagina hoe je een vraag kunt stellen aan de coach van Mindmasters
TIP 3 : Plaats hieronder een reactie op dit artikel
TIP 4 : Weet dat je altijd bij je huisarts terecht kunt

7 reacties

  1. 18-10-2015 00:40

    Wat ik dacht na mn tweede kindje.. Ze zat in haar zitje, ik voelde me weer down en dacht erover hoe t zou zijn om niet meer die storm in mn hoofd te voelen. De gedachtes, en rust te hebben die ik denk te hebben als ik dood zou zijn. Maar toen keek ik in mn spiegel. Ik kan er nu nog om huilen. Dat meisje had me nodig, ik ben haar moeder, en ik heb een taak haar erdoor heen te helpen zolang ik kan. Dus vanaf die tijd heb ik mn best gedaan. Vrselijk gefaald meerdere keren. En wat over mn oudste die heeft t allemaal meegemaakt.
    Beide hebben ze mn laagste punt bewust meegemaakt. Schaamte falen schuldgevoel… Alles komt aan bod

    Door: Heidy
    • 20-10-2015 13:41

      Beste Heidy,

      Wat heb jij al veel meegemaakt in je leven. Wat sterk van je dat je door blijft gaan voor je kinderen! Ik kan mij voorstellen dat het fijn kan zijn om steun hierbij te krijgen. Ik raad je aan om een afspraak bij je huisarts te maken en daar zowel om steun voor jezelf als voor je kinderen te vragen. Voor je kinderen zijn er bv groepen waarin zij met andere kinderen kunnen praten over hoe het is om op te groeien in een gezin met een vader of moeder die psychische problemen heeft. Of zij kunnen bv individuele gesprekken krijgen. Voor jezelf kan het steunend zijn als je gesprekken hebt over hoe je je ouderrol kan vervullen als je zelf niet lekker in je vel zit. Dit kan zowel individueel en er zijn ook cursussen voor ouders met psychische problemen. Hierin kan zowel het heden als het verleden aan bod komen.
      Online zou je eens kunnen kijken op http://www.kopopouders.nl/site/.

      Met de huisarts kan je ook kijken hoe je het netwerk in je omgeving kan benutten op momenten dat het niet lekker met jou gaat.

      Ik wens je heel veel kracht en ik hoop dat je iets hebt aan mijn tips!

      Groetjes, Isja van http://www.mindmasters.nl

      Door: Isja Mindmasters
  2. 18-10-2015 00:20

    Ik was 18 heel depressief en werd doorverwezen naar psych. Hij zei ” meisje je moet volwassen worden dat doet zeer”.
    Heb me erbij neer gelegd dat ik ups en downs had. 22 toen ik mijn eerste kindje kreeg, ik was verliefd.
    Dat diurde heel lang.. Tot een anderhalf jaar later weer zwanger. Nog steeds niet meer depressief.. Heerlijk…daar na kwam t terug. Mijn tweede baby zat in haar zitje in de auto.nik had weer een ” bui” en dacht.
    Vanaf mn 18 tot mn 42 ben ik van ups naar downs gegaan op eigen kracht. Tot.. Ik kwam alleen te staan, mn wereld storte in, ook mentaal psychose.
    Vanaf die tijd ups en downs volgen elkaar jaarlijks op. Ben al minder gaan werken maar ffinancieen is ook een trigger. Nu op ditmoment weer in een enorme depressie, niemand begrijpt t of heeft een mening of vind er war van..ik weet niet meer wat ik moet doen. Ik heb t opgegeven.

    Door: Heidy
    • 04-07-2017 08:31

      Ik begrijp je zo onwijs goed. Nu 42 jaar en al jaren te hebben aangelopen tegen onbegrip, zie ik mijzelf op deze manier ook geen 80 worden. De schuldgevoelens nemen regelmatig de overhand tegenover mijn drie kinderen en de frustratie van het niet begrepen worden zorgen ervoor dat ik mij regelmatig terug trek. De momenten dat het iets beter gaat probeer ik wel te pakken wetende dat het maar van korte duur is. Maar neem van mij aan: ik begrijp je voor de volle 100 %. Jammer dat de mensen in onze omgeving dat niet doen…

      Door: Dorine
    • 04-07-2017 13:12

      Beste Dorine,

      Wat naar dat je nog regelmatig last hebt van schuldgevoelens en onbegrip uit je omgeving. Ik kan niet uit je reactie opmaken of je op dit moment hulp hebt voor jou of de kinderen. Ik raad je aan om in elk geval voor jezelf een afspraak te maken bij je huisarts en daar je verhaal te doen. De huisarts kan dan samen met jou kijken of en waar je begeleiding kan krijgen om je schuldgevoelens een plek te geven en te weten wat je kan doen als je toch door schuldgevoelens overvallen wordt. Voor dit soort hulp is meestal een verwijzing van de huisarts nodig.
      Je kan met je huisarts natuurlijk ook over de kinderen praten. Wat hebben zij nodig? Er zijn bijvoorbeeld groepen voor kinderen van alle leeftijden die opgroeien of opgegroeid zijn in een gezin waar een van de ouders psychische problemen heeft of had. Dit worden vaak KOPP-groepen genoemd. Kinderen vinden het vaak heel fijn om te praten met andere kinderen die ongeveer hetzelfde meemaken en vinden het fijn om te merken dat zij niet de enige zijn. Deze groepen worden meestal georganiseerd door de preventie afdelingen van een GGZ-instelling.
      Diezelfde GGZ instellingen organiseren soms ook groepen voor mensen uit de omgeving van de persoon met psychische problemen. Zodat de omgeving ook meer inzicht krijgt en begrip.

      Ik hoop echt dat je hulp zoekt. Er zijn veel mensen die je kunnen en willen helpen. Mocht je hier over door willen praten, dan kan je met ons whatsappen. Wij richten ons wel vooral op jongeren. Als volwassene kan je ook goed terecht bij Sensoor, http://www.sensoor.nl.

      Ik wens jou en je kinderen alle goeds!

      Groetjes, Isja van http://www.mindmasters.nl

      Door: Isja
  3. 28-06-2015 13:47

    Hallo,
    Ik ben nu al meer dan een jaar depressief, en zit nu een tijd bij een psycholoog en slik nu al een paar weken medicijnen tegen mijn slaapproblemen (Nitrazepam). Op school weten maar een paar vriendinnen en mijn mentor af van mijn depressie. Ik merk veel onbegrip uit mijn omgeving op mijn depressie. Ik vind dat erg jammer en krijg vaak nare reacties. Nu is mijn vraag: Hoe kan ik een depressie uitleggen, en het gevoel daarbij?
    Alvast erg bedankt voor uw antwoord,
    Groetjes Anne

    Door: Anne
    • 29-06-2015 13:50

      Beste Anne,

      Wat naar voor je dat je een depressie hebt. Goed om te horen dat je hiervoor wordt behandeld!

      Je krijgt helaas nog wel eens nare reacties van mensen die niet goed begrijpen wat een depressie nu precies is. Je wilt dit graag goed kunnen uitleggen. Je kan daar bv onze tekst over stemmingsstoorn issen bij gebruiken. Wat herken je daarin van je zelf? Daar kan je voorbeelden uit je eigen leven aankoppelen die anderen kunnen herkennen. Kijk ook eens op http://www.depressiecentrum.nl. Daar kan je een folder over jongeren en depressie downloaden. Hierin staan allerlei symptomen/klach ten beschreven. Ook daar kan je weer de voorbeelden uit je eigen leven bij vertellen.

      Voor mensen die nog nooit een depressie hebben meegemaakt, is het vaak ook moeilijk te begrijpen hoe het nu is en voelt. Het is fijn als mensen het in elk geval proberen te begrijpen.

      Ik hoop dat je met deze tips verder kunt! Mocht je hier over verder willen praten dan kan je metons whatsappen of een mailtje sturen.

      Ik wens je het allerbeste!

      Groetjes, Isja van http://www.mindmasters.nl

      Door: Isja Mindmasters

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *